Posts tonen met het label tips. Alle posts tonen
Posts tonen met het label tips. Alle posts tonen

woensdag 31 oktober 2007

Lekke band. En wat nu?


LEKKE BAND EN WAT NU?
Niet iedereen is even handig. Als je in een groep fietst en je krijgt een lekke band dan wil je wel graag laten zien dat je weet hoe je het wiel uit een fiets kunt halen. De snelspanner openen lukt iedereen nog wel, maar dan begint de ellende eigenlijk al zonder dat je het in de gaten hebt. Met wat gewurg valt het wiel er ook nog wel uit. Een band verwisselen en oppompen en terugzetten, tja dat is andere koek. Het lijkt er op of het wiel helemaal niet meer past. Je krijgt het wiel niet meer langs je remblokjes en valt door de mand. Milde hoon is je deel. Hieronder tref je tips aan wat je moet doen om het wiel er uit te halen en ook hoe je dat wiel dan ook weer makkelijk terug kunt zetten.

Wiel uitnemen: Vòòr het uitnemen van het achterwiel moet je de ketting achter op het kleinste tandwiel zetten en het voorste blad bij voorkeur op het buitenblad. (dit wordt vaak vergeten en is het begin van een later gevecht met het wiel) Shimano-remmen hebben een hendeltje op de rem die je omhoog moet halen (Openzetten) bij Campagnolo zit dit hendeltje in de remgreep. Open de snelspanner (achterwiel) til de achterkant van de fiets iets op en klop met de hand het wiel uit het frame. Het wiel hangt dan nog in de ketting en om dit te lossen moet je de arm van de achterderailleur naar onderen(achteren) trekken om het wiel uit de ketting te manoeuvreren. Let op bij het weleggen van de fiets. Voorkom dat deze op de achterderailleur terecht komt om verbuigen of vies worden te voorkomen. Bij het uitnemen van het voorwiel moet je soms de snelspanner een paar slagen draaien omdat er veiligheidsnokjes op de voorvork zitten.
Wiel monteren: Na het verwisselen van de binnenband en het oppompen op de juiste spanning herkent men bij het terugzetten van het wiel de amateur. Als je bovenstaande tips hebt gevolgd zal het terugzetten na het lezen van de volgende tips een fluitje van een cent zijn en en zal bewondering van de clubgenoten je deel zijn.
Achterwiel: Til de fiets van achteren voldoende op en steek het wiel met de tandwielen tussen de ketting. Leg de ketting aan de bovenzijde op het kleinste tandwiel op een plek waar dit gemakkelijk gaat. Trek de derailleur met je hand naar achter, probeer nu in één beweging de tandkrans onder het bovenste derailleurwieltje door te manoeuvreren (het lastigste stukje). Manouvreer nu het wiel op de juiste manier in het frame en breng het wiel naar zijn plaats. De snelspanners vastzetten en het wiel even rond laten gaan door de trapper even rond te laten gaan. De ketting zal zich goed positioneren. Zet de rem weer dicht en controleer of de remmen vrij lopen door het wiel even te laten draaien, mocht dit niet zo zijn positioneer het wiel nog een keer opnieuw in het frame en probeer het opnieuw.
Voorwiel: Het voorwiel gaat eenvoudiger, breng het wiel in de juiste positie en draai de snelspanner weer aan als er veiligheidsnokjes op de voorvork zitten en sluit de snelspanner. Voor het goed laten werken van de remmen, sluit de remmen en controleer even of de remmen niet aanlopen. LET NOG EVEN OP HET VOLGENDE! De snelspanner moet goed strak staan, maar zorg dat hij ook weer los kan! De opnemer van het klokje in het voorwiel moet langs de opnemer lopen.

donderdag 25 oktober 2007

wintertips van Henk!



NOG MEER TIPS OM DE WINTERSE KOU OP DE FIETS TE TROTSEREN

In de winterse kou is het van belang is dat je lichaam droog blijft en op de juiste temperatuur. Bergsporters weten daar alles van en worden daar als het goed is ook goed over geïnformeerd door hun bergsportvereniging. Vooral op grote hoogte kan het van levensbelang om bij plotseling veranderend weer droog en warm te blijven. Bergsporters worden daarbij ook altijd gewaarschuwd voor het zogenaamde windchilleffect of de gevoelstemperatuur. (Zie voor meer informatie over dit effect het hoofdstukje aan het eind van dit artikel)
Voor de echte diehards die ook de winterse kou trotseren en op de fiets stappen is dit effect ook van belang om rekening mee te houden. Het maakt niet uit of je op de weg blijft fietsen of de bossen in duikt met je mountainbike. De laatste sporter zal zich nog extra moeten wapenen tegen de soms extreme omstandigheden met modder en opspattend water. Om droog en warm te blijven zijn er allerlei mogelijkheden waar je hieronder enige tips aantreft.

De Basislaag

Onderkleding van het juiste materiaal is de basis van een goede beschermingen moet er voor zorgen dat het transpiratievocht goed en snel wordt afgevoerd en de warmte goed vasthoudt Bij een wol of katoen gaat dat niet lukken, omdat het vocht opneemt en niet doorgeeft. Kunststofvezels nemen minder of geen vocht op. Het vochttransport is daarom ook beter. Bij erg koud weer is het aan te bevelen meer laagjes te dragen. Met een of twee dunne (thermo)shirtjes over elkaar komt er tussen de lagen een warm luchtlaagje en dat beschermt extra tegen de kou.

De tweede basislaag

Ook bij de fietsjack al bovenkleding en deklaag is van belang dat deze goed ademend is, omdat anders het vocht van je lichaam niet goed wordt afgevoerd. Iedereen kent het verschijnsel van de kunststof regenjas en broek waar je al het regent net zo nat in wordt als zonder deze kleding. Een goede fietsjack is ademend, winddicht en regenbestendig. Een goede stof is zo geweven dat het wel transpiratievocht door laat maar regendruppels niet. Kleding met of van Goretex voldoet aan deze voorwaarde, maar is vrij prijzig. Er zijn goedkopere alternatieven die ook goed werken.

Extreme omstandigheden

’s Winters kan het weer wat grillig zijn en een regenbui bij een temperatuur rond de 3 á 4 graden kan met een beetje windchill effect omslaan in ijzige poolbui.

Goede regenkleding is dan een absolute vereiste om niet blauw verkleumd thuis te komen. Goede regenkleding is regenbestendig (logisch), winddicht, ademend. Eigenschappen die moeilijk te combineren en vind je alleen bij dure regenpakken (o.a. gemaakt van Goretex ) aantreffen. Bij meer betaalbare regenkleding moet je een keuze maken en sluit je een compromis tussen ademend maar niet (geheel)regenbestendig/winddicht pak of andersom. Van een niet ademend pak is het al eerder genoemde nadeel dat je er in gaat zweten, nat wordt van binnen uit en de kou toch weer greep krijgt op je fietsplezier. Voor de fietser gaat het altijd om een compromis tussen prijs, omvang kleding, gewicht en misschien ook wel “hoe ziet het er uit”.

De broeken

Het zal duidelijk zijn dat er over de koersbroek een lange broek wordt gedragen die voldoende warmte vasthoudt. Ook hier heb je weer verschillende soorten met waterdichte en winddichte stukken aan de voorzijde, met en zonder Gore-tex. De prijs zal ook vaak mede bepalend zijn waar de keus op valt. Lange koersbroeken moeten niet te strak zitten, zodat er een warm luchtlaagje kan worden gevormd. Nu kunnen de benen wel enige kou verdragen en zal onderkoeling niet snel optreden, maar een stevige spierpijn van te koud fietsen roept al gauw de herinnering op aan slechte voorbereiding op dit gebied.

Handschoenen

De koudste plek op de fiets zij na je neus en je oren wel de handen. Die moet je goed beschermen en dan nog is het bijna onmogelijk die warm te houden. Geen probleem, als ze maar warm genoeg blijven om de remmen te kunnen bedienen, want die zijn wegfietsers en mountainbikers ook in de winter nodig.

Het best is ook hier weer in de winter en herfst (winter)handschoenen die isolerend en waterdicht zijn.

(Over)schoenen

Wanneer je fietst bij een temperatuur rond of lager dan 5 oC boven nul krijg je na enige tijd echt last van koude voeten. Door de gevoelstemperatuur kan dit zelfs leiden tot het gevoel dat de voeten bevroren zijn. Zonder goede overschoenen zou ik dit al helemaal niet aanraden en zelfs met overschoenen kan dat koude gevoel nog een flinke spelbreker zijn. (ik kom over de gevoelstemperatuur/windchilleffect nog terug) Overschoenen kunnen helpen en zijn beslist geen overbodige luxe als je bij lage temperaturen fietst. . Deze zijn verkrijgbaar in verschillende soorten en diktes, isolerend, waterafstotend of waterdicht. Net als bij de regenjas heeft elk type overschoen z’n eigen voor en nadelen.

Vaak hoef je dit voor de prijs niet te laten, al zijn er wel grote verschillen. Koud zullen de voeten bij lage temperatuur echt wel worden.

Voetbescherming

Als er lichaamsdelen koud kunnen worden zijn het de voeten. Reden om daar extra bij stil te staan. Droog houden is heel belangrijk.

Meerdere laagjes helpt, maar wat ook helpt is om onder een iets dikkere sok een sokje van kunststof te dragen(sportzaak). Dit sokje zal het vocht ook weer doorgeven waardoor je voeten droger blijven. Als je deze sokken gaat gebruiken samen met een dikkere sok moet je er wel voorzorgen dat er voldoende beweegruimte overblijft in de schoen voor je tenen anders komt de doorbloeding van de voet in de knel en bereik je het averechtse effect. Een iets grotere schoen is dan ook aan te bevelen. De bloedsomloop van je voeten blijft dan goed omdat zich een warm luchtlaagje tussen de beide sokken vormt en ook in de schoen zelf en de doorbloeding niet wordt belemmerd.

Een paar extra tips om je voeten warm te houden vind je hieronder.

· Gebruik fiets overschoenen bij kou en scherm de schoen extra af met een plasticzak bij regen
· De binnenzool kan ook vervangen worden door een dicht exemplaar of leg een stevig stuk papier onder het zooltje.
· Is er voldoende ruimte voor extra bescherming voor de tenen doe dat dan, een plastic broodzakje helpt als teenstuk.
· Het in smeren van de voeten met (uien)zalf of vaseline vinden schaatsers heel gewoon, Dus als winterfietser doe er je voordeel mee.
Zie ook: Fietsen in de herfst en winter
en Gevoelstemperatuur

Hoofdbedekking

Via je hoofd verlies je veel vocht, dus enige extra bescherming bij koud weer kan geen kwaad. Er zijn verschillende mogelijkheden om onder je helm je hoofd te beschermen tegen kou. Van Bandana tot een simpele hoofdband, maar bij erg koud weer geeft een muts de beste bescherming. Denk om je oren, want flappen vangen erg veel wind en met het windchill effect kan dit al snel tot problemen leiden.

Windchill effect of gevoelstemperatuur

De gevoelstemperatuur hangt af van meer factoren dan alleen de temperatuur. Iedereen weet dat het in de wind voelt het in de regel een stuk kouder aanvoelt dan uit de wind. Dit afkoelingseffect dat uitsluitend veroorzaakt wordt door (rij)wind staat bekend als "windchill". Hoe kouder het is en hoe harder het waait des te kouder voelt het aan. Dit betekent ook hoe harder je rijdt hoe kouder het aanvoelt. Het warmteverlies is groter.
Dit warmte verlies wordt uitgedrukt in een soort gevoelswaarde van de temperatuur, ook wel gevoelstemperatuur genoemd. Voor de berekening daarvan bestaan verschillende methoden.
Grofweg kun je gerust stellen dat de gevoelstemperatuur bij een snelheid van 25 km per uur al snel 6 graden lager ligt dan de omgevingstemperatuur. Bij een sterke wind of een hogere snelheid is dit ettelijke graden meer.
Reken maar even mee bij een temperatuur van + 5 graden ligt de gevoelstemperatuur bij 25 km per uur onder het vriespunt. Bij 30 kilometer per uur kun je daar dus nog een aantal graden van aftrekken en hebben we een lichte tot matige vorst om de oren. Denk er om dat dit ook echt het effect kan hebben dat er uitstekende lichaamsdelen bevriezen.
Er is weinig fantasie voor nodig om na te gaan hoe dat zit als je bij – 5 graden op de fiets stapt of als er sprake is van een zeer sterke wind of windvlagen de gevoelstemperatuur ligt dan vele graden lager. De uitstekende lichaamsdelen moeten dan zeker beschermd worden tegen matige tot strenge tot zeer strenge vorst. Schaatsers kunnen ons daar alles over vertellen. Bij deze categorie sporters komt het niet zelden voor dat zij bevroren oogleden, oorlelletjes en tenen hebben. Voor fietsers in winterse omstandigheden loert dit gevaar ook.
De mannelijke fietsers kunnen vast nog wel een lichaamsdeel aan bovengenoemde toevoegen dat het onder deze omstandigheden moeilijk heeft.
Op www.meteonet.nl en andere weersites vind je hele tabellen die iets zeggen over de gevoelstemperatuur.

maandag 24 september 2007

wintertips



Koning Winter is in aantocht. De korte broek en dito shirt zijn niet meer voldoende. Daarom een aantal tips voor een veilige en gezonde winterfietsbeleving...

1. De combinatie van wind, regen inspanning en een lage buitentemperatuur is dé manier om een flinke verkoudheid of griep op te lopen. O ja, koorts zorgt voor een flinke afbraak van de opgebouwde conditie dus hou je lichaam droog en warm. Vroeger trok je een thermopack aan tegenwoordig is het "drie-of-meer-laagjes-systeem favoriet. Een ademend overhemd, een wielershirt en een jack. Tip: wie zijn body warm houdt heeft minder kans op koude handen of voeten.

2. Hou je tenen droog en warm en je bent van een boel problemen af. De oplossing: overschoenen bij voorkeur neopreen. Tweede oplossing: een sok of liner van GoreTex, Isofilm of een dun soort neopreen. Tip: koop je speciale winterschoenen dan moeten ze iets ruimer zitten want knellende schoenen leveren eerder koude tenen op.
3. Met vingers als ijsklompjes is het moeilijk schakelen. Oude maar doeltreffende oplossing: wanten! Nieuw: handschoenen van neopreen, fleece, Thinsulate en GoreTex. Zorg dat ze droog blijven! Tip: regelmatig slaan met je armen zorgt voor een goede bloedsomloop waardoor de armen minder snel afsterven.

4. Lichaamswarmte wordt voor een groot deel afgevoerd via het hoofd. Voor eenmaal hou je het hoofd niet koel maar warm. Ook hier hebben de synthetische stoffen als fleece, GoreTex... hun intrede gedaan. Tip: een extra droge muts meenemen voor als je na de pauze weer opstapt.

5. Zorg dat je geen koorts krijgt! Koorts is een teken dat je lichaam ziek is en kan gevaarlijk zijn voor iemand die sport. Het bloed dat normaal nodig is voor de extra toeren van het hart heeft het lichaam dan juist nodig om je body weer op orde te krijgen en de koorts te verjagen. Wie extreem doorsport heeft meer kans op complicaties... en dan ben je ver van huis. Tip: trainen met koorts heeft juist het omgekeerde effect en bijgevolg nadelig voor jou conditie.

6. Je ademt door je neus en je mond. Zorg dat de luchttoevoer schoon blijft. Een natte modderige en koude winter zorgt vaak voor ontstekingen loopneuzen en aften (blaasjes in je mond). Op de fiets is daar niet veel aan te doen. Wel: veel drinken en af en toe je mond spoelen met een ontsmettend mondwater en je neus eventueel met fysiologisch water (vraag ernaar bij je apotheker). Tip: gebruik een bidon met en extra afsluitbare dop, zo blijft het "tuutje" schoon of een Camelbag. En of dat scheelt op het moddermenu.

7. Het meest vervelende voor een fietser is zand in je ogen. Niets meer zien, tranen, wazig beeld en pijn. Draag een sportbril en dan liefst eentje met heldere of gele glazen zodat je met slecht en donker weer ook nog ziet. Tip: wrijf je lenzen aan de binnenkant in met "droog" afwasmiddel om het beslaan tegen te gaan.

8. Een doodsteek voor je gezondheid is het aanhouden van natte of klamme kledij na een fietstocht. Het is zeer belangrijk jouw natte plunje zo snel mogelijk uit te trekken en indien mogelijk onder een warme douche te kruipen. Zorg altijd voor warme droge kledij een windjas en een muts.
9. Eten onderweg: altijd doen voor je honger krijgt! Kou vreet veel energie, dus regelmatig de tank bijgooien in kleine porties en snel verteerbaar voedsel. Ideaal is vloeibare voeding en fruit als bananen, vijgen en gedroogde pruimen. Tip: probeer vloeibare voeding altijd uit in een training, nooit tijdens een tocht. Niet iedereen kan elke soort drank aan.

10. Drinken! Als het koud is heb je vaak niet in de gaten dat je dorst hebt en toch verlies je vocht en verdwijnt er energie. Koude drank in de winter lijkt me niet zo'n goed idee, te hete drank evenmin maar kamertemperatuur is het beste voor mens en machine. Blijf onderweg af van die heerlijke erwtensoep daar deze door de eiwitten zeer zwaar verteerbaar is. Goed: thee, sportdrank of dorstlesser en gewoon water. Tip: bij lange inspanningen langer dan één uur energiedrank meenemen.

11. Waar vind je jouw vitaminen? Juist, vooral in vers fruit. Wie normale eet- en drinkgewoontes heeft en niet snel een pizza uit de diepvriezer of hamburgertenten verslijt krijgt ruim genoeg binnen. Dan zijn bruistabletten en vitamine C totaal overbodig. Tip: 's ochtends een gezonde mix van kiwi en sinaasappel lijkt me heel verstandig!

12. Winterbeurt: niet alleen je fiets is aan een winterbeurt toe jij als fietser eveneens. Neem gerust een extra dagje rust, doe dingen waar je in het seizoen niet aan toe komt. Hou je benen niet compleet stil, maar schakel gerust een tandje lichter. Tip: zoek bijvoorbeeld een sportschool of fitnesszaal op want er wordt tegenwoordig heel veel aandacht geschonken aan cardio-fitness en wintertraining.

13. 5° Celsius, het is koud buiten en toch spring je op je fiets. Pas dan vooral je inspanning aan aan de omstandigheden. Het kan wel boven nul zijn, de gevoelstemperatuur is vaak 5 à 10°C lager. Prestaties met vorst zijn eigenlijk uit den boze, maar dit geldt dan niet voor schaatsers of langlaufers.

14. Wie niet luisteren wil moet voelen. Ondanks de opkomst van hartslagmeters, ergometers en lactaattesten ben jij als enige die weet hoe je je voelt. Leer luisteren naar je lichaam. Niemand is te oud om... Tip: als iets in jou zegt dat je op een donkere dag in december beter binnen blijft dan moet je naar die stem luisteren. Elk mens heeft ook zoiets als een biologische klok in zich.